Regiment Pupillen van de Garde (20 YC 106, -7)

Regiment Pupillen van de Garde (20 YC 106, -7)

(Régiment des pupilles de la Garde Impériale, 1809-1814)

Twee rekruten (Frans: Pupilles) en grenadier van het 3e Regiment Grenadiers te voet van de Keizerlijke Garde.

Depot: Versailles

Lodewijk Napoleon besloot al in 1809 tot de oprichting van het Legioen Velites: een legerkorps waarin weesjongens en jongens uit de armenzorg werden opgenomen. Het doel was tweeledig: de kosten van de armenzorg konden omlaag en het aantal rekruten werd aangevuld.
Na de annexatie van het Koninkrijk Holland door Frankrijk bleek Napoleon Bonaparte zeer tevreden over het hoge aantal rekruten en nam hij het idee van zijn broer over.

In tegenstelling tot de andere stamboeken, laat het stamboek van het Regiment Pupillen de indiensttreding in het regiment al in 1809 ingaan.
Zeven jongemannen uit het gebied tussen Vecht en Eem hadden zich al bij het ‘Legioen Velites’ aangesloten; zes andere voegden zich bij het Regiment Pupillen na de annexatie.
Twee pupillen werden in 1811 afgekeurd.
Zeven pupillen werden tussentijds overgeplaatst naar andere regimenten.
Tenslotte keerden vier pupillen in 1814 naar Holland terug. Het is niet duidelijk waar ze verbleven sinds indiensttreding.

Bron: P.D. Hoogenraad, Bloedbelasting. De conscriptie in het departement Zuyderzee (1810-1813). Masterscriptie Universiteit van Amsterdam, 2012, pp. 18-19.